Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen

namespace:soldaten_en_arbeiders_staak

Verschillen

Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.

Link naar deze vergelijking

Beide kanten vorige revisie Vorige revisie
namespace:soldaten_en_arbeiders_staak [12/06/17 08:28]
defiance
namespace:soldaten_en_arbeiders_staak [12/06/17 08:29] (huidige)
defiance
Regel 10: Regel 10:
 ===== Soldaten en arbeiders staak! ===== ===== Soldaten en arbeiders staak! =====
  
-Het is een algemeen bekend feit, dat het tegenwoordig ​oeconomisch ​leven niet in de eerste plaats dient tot voorziening in de behoeften van alle menschen, maar, tot het opbrengen van winst aan een betrekkelijk kleine klasse, die der bezitters. Onze maatschappij is, globaal genomen, verdeeld in twee welonderscheiden hoofdgroepen:​ eenerzijds een schare van millioenen bezitloozen,​ de proletarische klasse, wier leden slechts beschikken over hun lichamelijke en geestelijke arbeidskracht;​ anderzijds eenige honderdduizenden,​ de kapitalistische klasse, wier leden gezamenlijk meester zijn over het kapitaal d.i. den grond, waarin steenkool, ertsen, diamanten, waarop granen, groenten, vruchten, bloemen, ​boomen, dieren; de huizen, fabrieken en machines; de instrumenten en landbouwwerktuigen;​ de paarden, koeien en schapen; de schepen en booten; het geld - kortom: bodem, grondstoffen,​ werktuigen, voortbrengselen en ruilmiddelen,​ welke zij alle aanwendt om zich steeds meer rijkdom, macht, en aanzien te verschaften. Een groot aantal leden van de bezittende klasse doen niets. Zij parasiteeren. Zij laten voor zich doen. Zij - leven van rente - d.i. opbrengst van anderer arbeid - naar hun lust. Maar velen werken, tenminste een deel van hun leven. Sommigen zelfs zeer hard. Doch zwoegden ook al de bezitters rusteloos, dag en nacht, zoo zouden zij toch niet in staat zijn den grond te bebouwen, steenkool te delven, ijzer, staal, goud te vervaardigen,​ treinen te maken en wagens en booten, machines saam te stellen en te doen loopen, te maaien, te oogsten, te weven, te bouwen, i.e.w. alle producten voort te brengen, die wij in de beschaafde wereld kennen; die per spoor en schip te vervoeren, op de markt te brengen, en zoo maar voort. Om haar kapitaalbezit tot onuitputtelijke bron van winst te maken, heeft de heerschende klasse eindeloos veel arbeidskracht noodig. En daartoe gebruikt zij het proletariaat. De bezitlooze klasse zwoegt in loondienst voor de bezitters. Zij moet voor hen arbeiden op tienduizenderlei wijzen, en ontvangt voor haar werk geregeld veel minder waarde aan geld terug dan zij aan arbeidskracht geeft. En al wat voortgebracht wordt, houden de bezitters –ieder van hen, zooveel hij maar kan - vast, om het met winst van de hand te doen, aan elkander, maar ook en vooral aan het bezitlooze volk, dat ze overgrootendeels zelf vervaardigd heeft, ze in de wereld heeft gebracht door ‘t offer- van zijn hersenen, zenuwen, spieren, bloed en leven, en dat nu, door den nood gedreven, zijn gekorte loon weer aan de heerschende klasse afstaan moet, in ruil, voor onderdak, kleeding, voedsel, genotmiddelen,​ enz..+Het is een algemeen bekend feit, dat het tegenwoordig ​economisch ​leven niet in de eerste plaats dient tot voorziening in de behoeften van alle menschen, maar, tot het opbrengen van winst aan een betrekkelijk kleine klasse, die der bezitters. Onze maatschappij is, globaal genomen, verdeeld in twee welonderscheiden hoofdgroepen:​ eenerzijds een schare van millioenen bezitloozen,​ de proletarische klasse, wier leden slechts beschikken over hun lichamelijke en geestelijke arbeidskracht;​ anderzijds eenige honderdduizenden,​ de kapitalistische klasse, wier leden gezamenlijk meester zijn over het kapitaal d.i. den grond, waarin steenkool, ertsen, diamanten, waarop granen, groenten, vruchten, bloemen, ​bomen, dieren; de huizen, fabrieken en machines; de instrumenten en landbouwwerktuigen;​ de paarden, koeien en schapen; de schepen en booten; het geld - kortom: bodem, grondstoffen,​ werktuigen, voortbrengselen en ruilmiddelen,​ welke zij alle aanwendt om zich steeds meer rijkdom, macht, en aanzien te verschaften. Een groot aantal leden van de bezittende klasse doen niets. Zij parasiteren. Zij laten voor zich doen. Zij - leven van rente - d.i. opbrengst van anderer arbeid - naar hun lust. Maar velen werken, tenminste een deel van hun leven. Sommigen zelfs zeer hard. Doch zwoegden ook al de bezitters rusteloos, dag en nacht, zoo zouden zij toch niet in staat zijn den grond te bebouwen, steenkool te delven, ijzer, staal, goud te vervaardigen,​ treinen te maken en wagens en booten, machines saam te stellen en te doen loopen, te maaien, te oogsten, te weven, te bouwen, i.e.w. alle producten voort te brengen, die wij in de beschaafde wereld kennen; die per spoor en schip te vervoeren, op de markt te brengen, en zoo maar voort. Om haar kapitaalbezit tot onuitputtelijke bron van winst te maken, heeft de heerschende klasse eindeloos veel arbeidskracht noodig. En daartoe gebruikt zij het proletariaat. De bezitlooze klasse zwoegt in loondienst voor de bezitters. Zij moet voor hen arbeiden op tienduizenderlei wijzen, en ontvangt voor haar werk geregeld veel minder waarde aan geld terug dan zij aan arbeidskracht geeft. En al wat voortgebracht wordt, houden de bezitters –ieder van hen, zooveel hij maar kan - vast, om het met winst van de hand te doen, aan elkander, maar ook en vooral aan het bezitlooze volk, dat ze overgrootendeels zelf vervaardigd heeft, ze in de wereld heeft gebracht door ‘t offer- van zijn hersenen, zenuwen, spieren, bloed en leven, en dat nu, door den nood gedreven, zijn gekorte loon weer aan de heerschende klasse afstaan moet, in ruil, voor onderdak, kleeding, voedsel, genotmiddelen,​ enz..
  
 Tusschen deze twee hoofdgroepen vindt men tallooze overgangen. Binnen de klas der bezitters oneindig veel verschil in rijkdom en macht. Onder het proletariaat zijn zoowel menschen met jaarlijks groote inkomens als er onder de kapitalisten trekkertjes van armzalige renten zijn. Het zou een uitgebreide beschrijving eischen, alle rangen en standen ook maar met enkele woorden duidelijk te onderscheiden. Het is hier echter niet noodig. Dat het maatschappelijk leven steeds meer in twee polen uiteengaat: grootkapitalisten en proletariërs-massa,​ staat vast. En wederom algemeen bekend is het feit, dat de bezitters der grootste kapitalen het maatschappelijk proces geheel en al beheerschen - eenige honderden mannen leiden het oeconomisch leven van Europa en Amerika; van de wereld -, en dat voornamelijk hun belangen door millioenen aardebewoners in zwoegenden arbeid dag en nacht worden gediend. Hebben sommige dezer laatsten het betrekkelijk goed - er waren nu eenmaal immer bevoorrechte slaven -, de groote meerderheid leeft in natuurlijke èn geestelijke ellende: de nooden van het internationale proletariaat zijn eindeloos. Tusschen deze twee hoofdgroepen vindt men tallooze overgangen. Binnen de klas der bezitters oneindig veel verschil in rijkdom en macht. Onder het proletariaat zijn zoowel menschen met jaarlijks groote inkomens als er onder de kapitalisten trekkertjes van armzalige renten zijn. Het zou een uitgebreide beschrijving eischen, alle rangen en standen ook maar met enkele woorden duidelijk te onderscheiden. Het is hier echter niet noodig. Dat het maatschappelijk leven steeds meer in twee polen uiteengaat: grootkapitalisten en proletariërs-massa,​ staat vast. En wederom algemeen bekend is het feit, dat de bezitters der grootste kapitalen het maatschappelijk proces geheel en al beheerschen - eenige honderden mannen leiden het oeconomisch leven van Europa en Amerika; van de wereld -, en dat voornamelijk hun belangen door millioenen aardebewoners in zwoegenden arbeid dag en nacht worden gediend. Hebben sommige dezer laatsten het betrekkelijk goed - er waren nu eenmaal immer bevoorrechte slaven -, de groote meerderheid leeft in natuurlijke èn geestelijke ellende: de nooden van het internationale proletariaat zijn eindeloos.
namespace/soldaten_en_arbeiders_staak.txt · Laatst gewijzigd: 12/06/17 08:29 door defiance