Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


namespace:affiniteitsgroepen

Verschillen

Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.

Link naar deze vergelijking

Volgende revisie
Vorige revisie
namespace:affiniteitsgroepen [06/03/16 15:28]
defiance aangemaakt
namespace:affiniteitsgroepen [01/06/20 18:11] (huidige)
defiance [Affiniteitsgroepen]
Regel 2: Regel 2:
 //Door [[Louis Mercier-Vega]]//​ //Door [[Louis Mercier-Vega]]//​
  
-Geschreven: ​november ​1977 +  * Geschreven: ​juli 1977 
-Oorspronkelijk verschenen: Interrogations #13, 1978 +  ​* ​Oorspronkelijk verschenen: Interrogations #13, 1978 
-Bron: Spreeuw, Libertaire Uitgeverij +  ​* ​Bron: Spreeuw, Libertaire Uitgeverij 
-Vertaling: ​Dik Gevers ​+  ​* ​Vertaling: ​Dick Gevers ​
  
-//Deze tekst verscheen eerder in //​Interrogations//​ no. 13, januari 1978, Milaan. Een sterk bekorte ​versie verscheen in A.S.S.W. no. 16, mei 1980, Amsterdam. Alle rechten vrij, behalve voor commerciële doeleinden, mits met toestemming van het redactiecollectief van Spreeuw. Met dank aan de Stichting Documentatie-Centrum Vrij Socialisme. +Deze tekst over affiniteitsgroepen ​verscheen eerder in //​Interrogations//​ no. 13, januari 1978, Milaan. Een sterk vekorte ​versie verscheen in A.S.S.W. no. 16, mei 1980, Amsterdam. Alle rechten vrij, behalve voor commerciële doeleinden, mits met toestemming van het redactiecollectief van Spreeuw. Met dank aan de //Stichting Documentatie-Centrum Vrij Socialisme//
-  + 
-Mei 1983.//+---- 
 + 
 +====== Affiniteitsgroepen ======
  
 ===== Voorwoord ===== ===== Voorwoord =====
Regel 23: Regel 25:
 Louis Mercier Vega is in Nederland alleen bekend als oprichter van het tijdschrift Interrogations. Dit is het belangrijkste blad over anarchistische theorievorming van de laatste jaren. Hij werd geboren in Parijs, was daar actief in de arbeidersbeweging. Toen de Spaanse revolutie uitbrak in 1936 ging hij naar Spanje en vocht in de internationale groep van de colonne van Durruti. Na de nederlaag vluchtte hij naar Zuid-Amerika,​ waar hij onder meer als journalist werkte. Hij schreef diverse boeken, waarvan de bekendste zijn:  Louis Mercier Vega is in Nederland alleen bekend als oprichter van het tijdschrift Interrogations. Dit is het belangrijkste blad over anarchistische theorievorming van de laatste jaren. Hij werd geboren in Parijs, was daar actief in de arbeidersbeweging. Toen de Spaanse revolutie uitbrak in 1936 ging hij naar Spanje en vocht in de internationale groep van de colonne van Durruti. Na de nederlaag vluchtte hij naar Zuid-Amerika,​ waar hij onder meer als journalist werkte. Hij schreef diverse boeken, waarvan de bekendste zijn: 
 La revolution par l'​Etat:​ une nouvelle classe dirigeante en Amérique Latine (Parijs, Payot, 1978). L'​increvable anarchisme (Parijs, U.G.E. 10xl8, 1971), La Chevauchée anonyme (Geneve, Noir, 1978). ​ La revolution par l'​Etat:​ une nouvelle classe dirigeante en Amérique Latine (Parijs, Payot, 1978). L'​increvable anarchisme (Parijs, U.G.E. 10xl8, 1971), La Chevauchée anonyme (Geneve, Noir, 1978). ​
-Van dit laatste boek verschijnt in het najaar van 1983 een vertaling bij Spreeuw. ​+Van dit laatste boek verschijnt in het najaar van 1983 een vertaling bij Spreeuw. 
 Louis Mercier-Vega stierf in 1977. Louis Mercier-Vega stierf in 1977.
  
 ====== Over affiniteitsgroepen ====== ====== Over affiniteitsgroepen ======
- 
  
 De meeste teksten over affiniteitsgroepen in de anarchistische beweging zijn eerder beschrijvingen dan theoretische uiteenzettingen. De schrijvers zijn het vaak niet met elkaar eens over wat nu kenmerkend is voor een affiniteitsgroep,​ omdat de situaties die beschreven worden onderling nogal verschillen. Laten we eens nader bekijken welke gemeenschappelijke kenmerken een aantal schrijvers, die ik ken, noemen, als ze een bepaalde definitie geven van een affiniteitsgroep. De meeste teksten over affiniteitsgroepen in de anarchistische beweging zijn eerder beschrijvingen dan theoretische uiteenzettingen. De schrijvers zijn het vaak niet met elkaar eens over wat nu kenmerkend is voor een affiniteitsgroep,​ omdat de situaties die beschreven worden onderling nogal verschillen. Laten we eens nader bekijken welke gemeenschappelijke kenmerken een aantal schrijvers, die ik ken, noemen, als ze een bepaalde definitie geven van een affiniteitsgroep.
  
-Zelfs het begrip ​affiniteit ​wordt niet precies omschreven. Gaat het om een affiniteit (verwantschap) in ideeën of in gevoelens? Of noodzakelijkerwijs om allebei? In anarchistische kringen, zegt Sébastien Faure (1betekent ​het woord affiniteit ​het verlangen bij mensen om met elkaar een groep te vormen omdat ze dezelfde instelling, gevoelens en ideeën hebben. In het libertaire denken en in de actie, stellen anarchisten de spontaniteit en de onafhankelijkheid waardoor zij zich verenigen en groepen vormen tegenover de verplichte en opgelegde groepsvorming die bepaald wordt door de huidige maatschappij. ​Deze definitie is niet sluitend, want je kunt je afvragen hoe anarchisten zich kunnen onttrekken aan de ‘huidige maatschappij’ +Zelfs het begrip ​'affiniteit' ​wordt niet precies omschreven. Gaat het om een affiniteit (verwantschap) in ideeën of in gevoelens? Of noodzakelijkerwijs om allebei? In anarchistische kringen, zegt [[Sébastien Faure]][1betekent ​'het woord 'affiniteit' ​het verlangen bij mensen om met elkaar een groep te vormen omdat ze dezelfde instelling, gevoelens en ideeën hebben. In het libertaire denken en in de actie, stellen anarchisten de spontaniteit en de onafhankelijkheid waardoor zij zich verenigen en groepen vormen tegenover de verplichte en opgelegde groepsvorming die bepaald wordt door de huidige maatschappij. ​'Deze definitie is niet sluitend, want je kunt je afvragen hoe anarchisten zich kunnen onttrekken aan de ‘huidige maatschappij.’ 
-Murray Bookchin zoekt een historische oorsprong voor de affiniteitsgroep en vindt deze merkwaardigerwijs in een tamelijk recent verleden, in Spanje. 'Het Engelse begrip ‘affinity group’ is de vertaling van 'grupo de afinidad'​. Zo heette in Spanje de basisgroep van de Iberische anarchistische federatie ​(F.A.I.), de kerngroep van de meest idealistische militanten van de Confederacion ​Nacional ​de Trabajo (C.N.T.), de grote anarcho-syndicalistische vakbond.'​(2)+ 
 +[[Murray Bookchin]] zoekt een historische oorsprong voor de affiniteitsgroep en vindt deze merkwaardigerwijs in een tamelijk recent verleden, in Spanje. 'Het Engelse begrip ‘affinity group’ is de vertaling van 'grupo de afinidad'​. Zo heette in Spanje de basisgroep van de [[Federación Anarquista Ibérica ​(FAI)]], de kerngroep van de meest idealistische militanten van de [[Confederación ​Nacional ​del Trabajo (CNT)]], de grote anarcho-syndicalistische vakbond.'​[2]
  
 Zijn oorspronkelijke definitie van een affiniteitsgroep is ‘een nieuwe vorm van een grote familie, waarin de familiebanden vervangen zijn door menselijke relaties die gekenmerkt worden door een diepe wederzijdse sympathie; relaties die versterkt worden door gemeenschappelijke ideeën en een gemeenschappelijke revolutionaire praktijk. ‘Hierin vinden we als uitgangspunt,​ de verwantschap in ideeën en kameraadschappelijke omgang die zich uit als: '​revolutionaire stijl in het leven van alledag ‘terug. De groep '​schept een vrije ruimte, waarin de revolutionair zich tot een nieuw mens kan vormen als individu en als sociaal wezen '. Dit brengt ons, maar dan wat nauwkeuriger omschreven, weer terug bij de oude Faure: de groep kan zich hierdoor onttrekken aan de maatschappij. Bookchin meent dat hij de affiniteitsgroepen,​ die in de dertiger jaren in Spanje functioneerden,​ kan vergelijken (rekening houdend met de kleinere omvang en de gewijzigde omstandigheden) met de organisatievormen van de Noord-Amerikaanse radicalen in de jaren zestig en zeventig: ‘communes,​ families, collectieven'​. ​ Zijn oorspronkelijke definitie van een affiniteitsgroep is ‘een nieuwe vorm van een grote familie, waarin de familiebanden vervangen zijn door menselijke relaties die gekenmerkt worden door een diepe wederzijdse sympathie; relaties die versterkt worden door gemeenschappelijke ideeën en een gemeenschappelijke revolutionaire praktijk. ‘Hierin vinden we als uitgangspunt,​ de verwantschap in ideeën en kameraadschappelijke omgang die zich uit als: '​revolutionaire stijl in het leven van alledag ‘terug. De groep '​schept een vrije ruimte, waarin de revolutionair zich tot een nieuw mens kan vormen als individu en als sociaal wezen '. Dit brengt ons, maar dan wat nauwkeuriger omschreven, weer terug bij de oude Faure: de groep kan zich hierdoor onttrekken aan de maatschappij. Bookchin meent dat hij de affiniteitsgroepen,​ die in de dertiger jaren in Spanje functioneerden,​ kan vergelijken (rekening houdend met de kleinere omvang en de gewijzigde omstandigheden) met de organisatievormen van de Noord-Amerikaanse radicalen in de jaren zestig en zeventig: ‘communes,​ families, collectieven'​. ​
  
-Bij de Italiaanse Gefedereerde Anarchistische Groepen (G.A.F.) wordt het accent gelegd op een gemeenschappelijk uitgangspunt wat betreft ideeën ‘een krachtige gemeenschappelijke mening over algemene en bijzondere vraagstukken… kan in overeenstemming zijn met de basisprincipes en leiden tot snelle en effectieve beslissingen'​. ​(3Er wordt echter aan toegevoegd: '​affiniteit wat betreft de ideeën, maar ook wat betreft de mensen, is absoluut noodzakelijk,​ omdat een groep geen onderneming is, maar een manier om gezamenlijk strijdbaar te leven, als wezenlijk onderdeel van het eigen leven'​. We zien hier het+Bij de Italiaanse Gefedereerde Anarchistische Groepen (G.A.F.) wordt het accent gelegd op een gemeenschappelijk uitgangspunt wat betreft ideeën ‘een krachtige gemeenschappelijke mening over algemene en bijzondere vraagstukken… kan in overeenstemming zijn met de basisprincipes en leiden tot snelle en effectieve beslissingen'​. ​[3Er wordt echter aan toegevoegd: '​affiniteit wat betreft de ideeën, maar ook wat betreft de mensen, is absoluut noodzakelijk,​ omdat een groep geen onderneming is, maar een manier om gezamenlijk strijdbaar te leven, als wezenlijk onderdeel van het eigen leven'​. We zien hier het
 dubbele karakter van de affiniteitsgroep:​ de Italiaanse Anarchistische Groepen zien in een dergelijke groep 'de eerste organisatorische stap van het anarchisme',​ dat wil zeggen een basiselement voor een federatie, terwijl Bookchin zegt: '(de groepen) kunnen zich gemakkelijk federeren'​. dubbele karakter van de affiniteitsgroep:​ de Italiaanse Anarchistische Groepen zien in een dergelijke groep 'de eerste organisatorische stap van het anarchisme',​ dat wil zeggen een basiselement voor een federatie, terwijl Bookchin zegt: '(de groepen) kunnen zich gemakkelijk federeren'​.
  
Regel 45: Regel 48:
 Dit brengt ons op een andere opmerking en een nieuwe vraag. Als de affiniteitsgroepen klein moeten zijn en slechts een beperkt aantal leden mogen hebben om goed te kunnen functioneren,​ zodat de leden ervan werkelijk kunnen deelnemen aan de besluitvorming en de acties, komt dat dan doordat elke omvangrijke organisatie het gevaar in zich draagt hiërarchisch en bureaucratisch te worden? Dat lijkt aannemelijk,​ maar geldt deze conclusie dan voor iedere '​volks'​-organisatie en moet zij dan belangrijke praktische gevolgen hebben voor een libertaire tactiek of strategie? Want als je tussen kameraden al maatregelen moet nemen om te vermijden dat er weer bazen en knechten komen, welke voorzorgsmaatregelen moet je dan niet nemen bij organisaties die duizenden mensen omvatten, die niet bedacht zijn op autoritaire tendensen? Bookchin zegt bijvoorbeeld over affiniteitsgroepen:​ 'Ze kunnen tijdelijk actiecomités vormen (zoals de Franse studenten en arbeiders in mei '68) en bepaalde taken coördineren. Maar vóór alles moeten de affiniteitsgroepen hun wortels hebben in de beweging onder de bevolking.’ Een '​zuivere’ volksbeweging,​ zonder beïnvloeding door partijen, gecentraliseerde vakbonden of leiders? Dit brengt ons op een andere opmerking en een nieuwe vraag. Als de affiniteitsgroepen klein moeten zijn en slechts een beperkt aantal leden mogen hebben om goed te kunnen functioneren,​ zodat de leden ervan werkelijk kunnen deelnemen aan de besluitvorming en de acties, komt dat dan doordat elke omvangrijke organisatie het gevaar in zich draagt hiërarchisch en bureaucratisch te worden? Dat lijkt aannemelijk,​ maar geldt deze conclusie dan voor iedere '​volks'​-organisatie en moet zij dan belangrijke praktische gevolgen hebben voor een libertaire tactiek of strategie? Want als je tussen kameraden al maatregelen moet nemen om te vermijden dat er weer bazen en knechten komen, welke voorzorgsmaatregelen moet je dan niet nemen bij organisaties die duizenden mensen omvatten, die niet bedacht zijn op autoritaire tendensen? Bookchin zegt bijvoorbeeld over affiniteitsgroepen:​ 'Ze kunnen tijdelijk actiecomités vormen (zoals de Franse studenten en arbeiders in mei '68) en bepaalde taken coördineren. Maar vóór alles moeten de affiniteitsgroepen hun wortels hebben in de beweging onder de bevolking.’ Een '​zuivere’ volksbeweging,​ zonder beïnvloeding door partijen, gecentraliseerde vakbonden of leiders?
  
-We komen nu bij het derde gemeenschappelijke punt van de meeste definities. De rol van de affiniteitsgroepen in het maatschappelijke leven. Er bestaat een soort algemene overeenstemming over de - ideale - praktijk van de groepen in het- geïdealiseerde - beeld van de beweging onder de bevolking. Sébastien Faure schrijft: '​Hensen die tot dezelfde klasse behoren, die door gemeenschappelijke belangen bij elkaar zijn gekomen, die door dezelfde vernederingen,​ ontberingen,​ behoeften, verlangens, langzamerhand,​ op een enkel verschil na, dezelfde gevoelens hebben en dezelfde mentaliteit,​ van wie het dagelijks bestaan gekenmerkt wordt door dezelfde onderdrukking en uitbuiting, van wie de dromen, die elke dag duidelijker vormen aannemen, uitkomen op hetzelfde ideaal, die moeten strijden tegen dezelfde vijanden, die worden gekweld door dezelfde beulen, die gebukt gaan onder dezelfde wetten van dezelfde meesters en die allen slachtoffer zijn van de schraapzucht van dezelfde profiteurs. Deze mensen zijn er langzamerhand toe gekomen, te denken, te voelen, te willen en te handelen in overeenstemming met elkaar en in solidariteit met elkaar, om dezelfde taken te vervullen, dezelfde verantwoordelijkheid op zich te nemen, dezelfde strijd te voeren en zo hetzelfde lot te ondergaan, dat in de nederlaag of in de overwinning hetzelfde is voor een ieder van de groep; in een vrijwillig samengaan, een gewilde associatie, een groepsvorming waarmee ieder instemt. Hierin uit zich de volledige kracht van de affiniteit, een kracht die ontstaat door gelijke gevoelens, instelling en ideeën'​. En Bookchin schrijft: 'de affiniteitsgroepen hebben de functie om als katalysator te dienen binnen de context van de beweging onder de bevolking. ‘De G.A.F. stellen zich genuanceerder op, zowel wat betreft de betrekkelijkheid van het '​spontaan libertaire’ karakter van de volksbeweging,​ als over de specifieke rol van de anarchistische groepen daarin. 'Als een naar gelijkheid strevende, libertaire tendens zich duidelijk in het volk manifesteert,​ is dit slechts een voorbijgaand verschijnsel als deze stroming zich niet kan uitdrukken in overeenkomstige organisaties.’(4en verder 'De noodzakelijke voorwaarden voor een libertaire sociale revolutie zijn schematisch:​ Ten eerste: De grootst mogelijke groei, zowel kwalitatief als kwantitatief,​ van de anarchistische beweging en van de georganiseerde libertaire actie in de sociale strijd en ten tweede: de grootst mogelijke verbreiding van een kritisch bewustzijn, van de antiautoritaire,​ opstandige geest.’(5)+We komen nu bij het derde gemeenschappelijke punt van de meeste definities. De rol van de affiniteitsgroepen in het maatschappelijke leven. Er bestaat een soort algemene overeenstemming over de - ideale - praktijk van de groepen in het- geïdealiseerde - beeld van de beweging onder de bevolking. Sébastien Faure schrijft: '​Hensen die tot dezelfde klasse behoren, die door gemeenschappelijke belangen bij elkaar zijn gekomen, die door dezelfde vernederingen,​ ontberingen,​ behoeften, verlangens, langzamerhand,​ op een enkel verschil na, dezelfde gevoelens hebben en dezelfde mentaliteit,​ van wie het dagelijks bestaan gekenmerkt wordt door dezelfde onderdrukking en uitbuiting, van wie de dromen, die elke dag duidelijker vormen aannemen, uitkomen op hetzelfde ideaal, die moeten strijden tegen dezelfde vijanden, die worden gekweld door dezelfde beulen, die gebukt gaan onder dezelfde wetten van dezelfde meesters en die allen slachtoffer zijn van de schraapzucht van dezelfde profiteurs. Deze mensen zijn er langzamerhand toe gekomen, te denken, te voelen, te willen en te handelen in overeenstemming met elkaar en in solidariteit met elkaar, om dezelfde taken te vervullen, dezelfde verantwoordelijkheid op zich te nemen, dezelfde strijd te voeren en zo hetzelfde lot te ondergaan, dat in de nederlaag of in de overwinning hetzelfde is voor een ieder van de groep; in een vrijwillig samengaan, een gewilde associatie, een groepsvorming waarmee ieder instemt. Hierin uit zich de volledige kracht van de affiniteit, een kracht die ontstaat door gelijke gevoelens, instelling en ideeën'​. En Bookchin schrijft: 'de affiniteitsgroepen hebben de functie om als katalysator te dienen binnen de context van de beweging onder de bevolking. ‘De G.A.F. stellen zich genuanceerder op, zowel wat betreft de betrekkelijkheid van het '​spontaan libertaire’ karakter van de volksbeweging,​ als over de specifieke rol van de anarchistische groepen daarin. 'Als een naar gelijkheid strevende, libertaire tendens zich duidelijk in het volk manifesteert,​ is dit slechts een voorbijgaand verschijnsel als deze stroming zich niet kan uitdrukken in overeenkomstige organisaties.’[4en verder 'De noodzakelijke voorwaarden voor een libertaire sociale revolutie zijn schematisch:​ Ten eerste: De grootst mogelijke groei, zowel kwalitatief als kwantitatief,​ van de anarchistische beweging en van de georganiseerde libertaire actie in de sociale strijd en ten tweede: de grootst mogelijke verbreiding van een kritisch bewustzijn, van de antiautoritaire,​ opstandige geest.’[5]
  
 In deze verschillende interpretaties vinden we dus enige overeenkomstige trekken: De affiniteitsgroep is een basiselement van de anarchistische beweging. Deze affiniteit heeft een tweeledig karakter, namelijk overeenkomst in ideeën én kameraadschap. Een groep bestaat slechts uit een beperkt aantal mensen, en maakt deel uit van de emancipatorische beweging van het volk. Ondanks deze overeenkomsten krijg je toch het gevoel dat de opvattingen en doelstellingen verschillend zijn. Alle schrijvers accepteren een feitelijke situatie. Omdat er traditioneel affiniteitsgroepen zijn, vindt men dat deze groepen een bijzondere taak, functie en wijze van functioneren hebben. Daarin schuilt een misverstand,​ dat nodig uit de weg geruimd moet worden. In deze verschillende interpretaties vinden we dus enige overeenkomstige trekken: De affiniteitsgroep is een basiselement van de anarchistische beweging. Deze affiniteit heeft een tweeledig karakter, namelijk overeenkomst in ideeën én kameraadschap. Een groep bestaat slechts uit een beperkt aantal mensen, en maakt deel uit van de emancipatorische beweging van het volk. Ondanks deze overeenkomsten krijg je toch het gevoel dat de opvattingen en doelstellingen verschillend zijn. Alle schrijvers accepteren een feitelijke situatie. Omdat er traditioneel affiniteitsgroepen zijn, vindt men dat deze groepen een bijzondere taak, functie en wijze van functioneren hebben. Daarin schuilt een misverstand,​ dat nodig uit de weg geruimd moet worden.
Regel 53: Regel 56:
 De scheidslijn schijnt niet te lopen tussen de verschillende interpretaties,​ maar binnen de affiniteitsgroepen zelf. Als de groep gekenmerkt wordt door activiteiten gericht op de groep zelf, is zij een milieu, een maatschappij,​ op zichzelf; en als de groep gekenmerkt wordt door activiteiten,​ gericht op de buitenwereld,​ dan is ze een wapen tegen de huidige maatschappij of een middel om een andere maatschappij op te bouwen. Om twee extreme voorbeelden te nemen: De familiegroep van Bookchin heeft niets te maken met de activistengroep van de G.A.F.. Deze constatering betekent niet dat de familiegroep geen invloed kan uitoefenen op de buitenwereld;​ of dat de activistengroep niets te maken heeft met persoonlijke relaties tussen de leden. Van belang is hier, in te zien dat hun bestaansreden,​ noch hun doelstellingen dezelfde zijn. De scheidslijn schijnt niet te lopen tussen de verschillende interpretaties,​ maar binnen de affiniteitsgroepen zelf. Als de groep gekenmerkt wordt door activiteiten gericht op de groep zelf, is zij een milieu, een maatschappij,​ op zichzelf; en als de groep gekenmerkt wordt door activiteiten,​ gericht op de buitenwereld,​ dan is ze een wapen tegen de huidige maatschappij of een middel om een andere maatschappij op te bouwen. Om twee extreme voorbeelden te nemen: De familiegroep van Bookchin heeft niets te maken met de activistengroep van de G.A.F.. Deze constatering betekent niet dat de familiegroep geen invloed kan uitoefenen op de buitenwereld;​ of dat de activistengroep niets te maken heeft met persoonlijke relaties tussen de leden. Van belang is hier, in te zien dat hun bestaansreden,​ noch hun doelstellingen dezelfde zijn.
  
-Als we de analyse tot zijn uiterste consequentie doorvoeren en daarbij rekening houden met ervaring en waarnemingen,​ kan de familiegroep verwateren tot een toevallige ontmoetingsplaats van '​bevrijde’ individuen. Terwijl de activistengroep in een splinterpartijtje kan veranderen. Als Richard Gombin ​(6de beginselen en praktijk van de anarchistische groep van voor de tweede wereldoorlog vergelijkt met die van de radicalen, individueel en als beweging, van de jaren zestig, legt hij de nadruk op enkele specifieke kenmerken van de eerste beweging (zij het enigszins overdreven). '​Alleen de groep werd gezien als een structurele vorm van verzet (of opstand). In de kapitalistische situatie tussen de beide wereldoorlogen leek alleen een gezamenlijke actie van de groep enige kans van succes te hebben om de maatschappij,​ de sociale werkelijkheid,​ te veranderen. … De revolutie werd gezien als een gebeurtenis die plaats zou vinden in een vage toekomst, maar de groep leefde alleen in verband met die hypothetische toekomst. ...+Als we de analyse tot zijn uiterste consequentie doorvoeren en daarbij rekening houden met ervaring en waarnemingen,​ kan de familiegroep verwateren tot een toevallige ontmoetingsplaats van '​bevrijde’ individuen. Terwijl de activistengroep in een splinterpartijtje kan veranderen. Als Richard Gombin[6de beginselen en praktijk van de anarchistische groep van voor de tweede wereldoorlog vergelijkt met die van de radicalen, individueel en als beweging, van de jaren zestig, legt hij de nadruk op enkele specifieke kenmerken van de eerste beweging (zij het enigszins overdreven). '​Alleen de groep werd gezien als een structurele vorm van verzet (of opstand). In de kapitalistische situatie tussen de beide wereldoorlogen leek alleen een gezamenlijke actie van de groep enige kans van succes te hebben om de maatschappij,​ de sociale werkelijkheid,​ te veranderen. … De revolutie werd gezien als een gebeurtenis die plaats zou vinden in een vage toekomst, maar de groep leefde alleen in verband met die hypothetische toekomst. ...
  
 Vooroordelen,​ tradities en persoonlijke relaties, houding tegenover vrouwen, kinderen, homoseksualiteit,​ de moraal in het algemeen, bleven onveranderd. Natuurlijk waren er wel geïsoleerde experimenten met woongroepen en vrije liefde. Maar dit waren marginale gevallen en niet representatief.’ Terwijl de '​antiautoritaire revolutionair (van nu) zich als individu op ieder niveau van zijn/haar leven verzet. Hij/zij verzet zich tegen het gezag en de pesterijen van bazen en tegen vaderlandslievende redevoeringen van politieke, vakbonds- en intellectuele bonzen. Naarmate hij/zij meer personen ontmoet die ook zo denken en handelen (op school, als seksuele partner, op het werk, op vakantie) zal hij/zij minder behoefte hebben deel uit te maken van een groep.’ En als besluit: '​Generaties anarchisten hebben de revolutie gezien als 'de grote dag', als een concrete apocalyptische gebeurtenis die een geheel nieuwe maatschappij zal scheppen. De revolutie wordt tegenwoordig opgevat en aanvaard als een serie noodzakelijke acties, waarbij je weigert de bestaande situatie te accepteren, daarmee breekt en nieuwe situaties schept. De uiteindelijke gebeurtenis,​ die een eind zal maken aan de oude orde, lijkt zelfs van secundair belang. Secundair, omdat het omhulsel van de onderdrukkende maatschappij (staat, principes en instituties) uiteen zal vallen zodra de inhoud veranderd zal zijn. Het probleem van de macht aan de top zal opgelost worden door de greep naar de macht aan de basis.’ Het is niet meer 'de grote dag', maar een tijdperk, waarin elke dag overwinningen brengt. Laten we maar niet te lang stilstaan bij de vraag of in de jaren dertig het behoren tot een groep samenging met vooroordelen,​ met traditioneel en burgerlijk gedrag. We hoeven alleen maar te denken aan het totaalweigeren en deserteren, de illegaliteit,​ het gebruik van anticonceptiemiddelen,​ de strijd op de werven en in de fabrieken, de vechtpartijen met Stalinisten en extreem rechtsen, enzovoort, die deel uitmaakten van het dagelijkse leven van een militant. Dit waren zeker niet alleen maar langdradige discussiepunten op zondagochtendvergaderingen. Belangrijk in deze redenering is, dat het mogelijk zou zijn je als individu te verzetten en dat, door voortdurend deze maatschappij af te wijzen, de macht wordt afgebroken. Vooroordelen,​ tradities en persoonlijke relaties, houding tegenover vrouwen, kinderen, homoseksualiteit,​ de moraal in het algemeen, bleven onveranderd. Natuurlijk waren er wel geïsoleerde experimenten met woongroepen en vrije liefde. Maar dit waren marginale gevallen en niet representatief.’ Terwijl de '​antiautoritaire revolutionair (van nu) zich als individu op ieder niveau van zijn/haar leven verzet. Hij/zij verzet zich tegen het gezag en de pesterijen van bazen en tegen vaderlandslievende redevoeringen van politieke, vakbonds- en intellectuele bonzen. Naarmate hij/zij meer personen ontmoet die ook zo denken en handelen (op school, als seksuele partner, op het werk, op vakantie) zal hij/zij minder behoefte hebben deel uit te maken van een groep.’ En als besluit: '​Generaties anarchisten hebben de revolutie gezien als 'de grote dag', als een concrete apocalyptische gebeurtenis die een geheel nieuwe maatschappij zal scheppen. De revolutie wordt tegenwoordig opgevat en aanvaard als een serie noodzakelijke acties, waarbij je weigert de bestaande situatie te accepteren, daarmee breekt en nieuwe situaties schept. De uiteindelijke gebeurtenis,​ die een eind zal maken aan de oude orde, lijkt zelfs van secundair belang. Secundair, omdat het omhulsel van de onderdrukkende maatschappij (staat, principes en instituties) uiteen zal vallen zodra de inhoud veranderd zal zijn. Het probleem van de macht aan de top zal opgelost worden door de greep naar de macht aan de basis.’ Het is niet meer 'de grote dag', maar een tijdperk, waarin elke dag overwinningen brengt. Laten we maar niet te lang stilstaan bij de vraag of in de jaren dertig het behoren tot een groep samenging met vooroordelen,​ met traditioneel en burgerlijk gedrag. We hoeven alleen maar te denken aan het totaalweigeren en deserteren, de illegaliteit,​ het gebruik van anticonceptiemiddelen,​ de strijd op de werven en in de fabrieken, de vechtpartijen met Stalinisten en extreem rechtsen, enzovoort, die deel uitmaakten van het dagelijkse leven van een militant. Dit waren zeker niet alleen maar langdradige discussiepunten op zondagochtendvergaderingen. Belangrijk in deze redenering is, dat het mogelijk zou zijn je als individu te verzetten en dat, door voortdurend deze maatschappij af te wijzen, de macht wordt afgebroken.
Regel 99: Regel 102:
 ===== Noten ===== ===== Noten =====
  
-(1Encyclopedia Anarchiste - bij het woord '​affinité '• +  * [1Encyclopedia Anarchiste - bij het woord '​affinité '• 
-(2In: Listen Marxist! van Murray Bookchin. +  * [2In: Listen Marxist! van Murray Bookchin. 
-(3Programma van de G. A. F., hoofdstuk XXII: Groepen en Federaties. +  * [3Programma van de G. A. F., hoofdstuk XXII: Groepen en Federaties. 
-(4Programma van de G. A. F., hoofdstuk XIX: De libertaire revolutie. +  * [4Programma van de G. A. F., hoofdstuk XIX: De libertaire revolutie. 
-(5idem. +  * [5idem. 
-(6Société et contre-société - Librairie Adversaire - Communaute de Travail c. I..R. A. +  * [6Société et contre-société - Librairie Adversaire - Communaute de Travail c. I..R. A. 
-(7Nicolas, "​L'​organisation anarchiste specifique"​ in Lanterne Noire no. 6/7, november 1976.+  * [7Nicolas, "​L'​organisation anarchiste specifique"​ in Lanterne Noire no. 6/7, november 1976. 
 + 
 +{{tag>​anarchisme organisatie affiniteitsgroepen}}
  
namespace/affiniteitsgroepen.1457278102.txt.gz · Laatst gewijzigd: 16/10/19 09:41 (Externe bewerking)